Schouderinstabiliteit

Schouderinstabiliteit

Het schoudergewricht is het meest beweeglijke gewricht van het lichaam. De schouderkop is ongeveer drie keer zo groot als de kom, waardoor we een gewrichtskapsel, gewrichtsbanden en een kraakbeenrand (het labrum) nodig hebben om de schouder stabiel te houden. Daarnaast zijn ook de pezen en spieren rondom de schouder belangrijk voor extra stabiliteit.

Hoe ontstaat schouderinstabiliteit?

Een schouder kan instabiel raken door een traumamoment of hypermobiliteit. Wanneer een schouder uit de kom gaat, kan er ook letsel ontstaan aan het kapselbandapparaat, het bot, het labrum, de pezen en de zenuwen. Een schouder kan ook gedeeltelijk uit de kom gaan en zelf weer terug schieten, of een patiënt ervaart instabiliteit waarbij de kop teveel ruimte heeft.

Bij een volledige luxatie moet de schouder teruggezet worden, dit gebeurt ter plaatse door medisch bevoegd personeel of op de spoedeisende hulp. Soms is dit voldoende, maar wanneer het labrum stuk is, zal er een operatie plaatsvinden.

Hersteltraject

In de eerste week na de ontwrichting (luxatie) draagt u de sling zoveel mogelijk. Afhankelijk van de pijn, de ernst van het letsel en of er een operatie is geweest, wordt er bepaald hoe lang u de sling moet dragen. Het is belangrijk om uiteindelijk de kracht en de samenwerking tussen de pezen en spieren rondom de schoudergordel weer volledig op te bouwen om herhaling van een (sub)luxatie te voorkomen. De fysiotherapeut en ergotherapeut kunnen u helpen met dit hersteltraject.

Bij aanvang van de therapie zal de fysiotherapeut u helpen om op een verantwoorde manier te bewegen zodat u de schouder binnen de grenzen van de pijn zo soepel mogelijk houdt. Stapsgewijs mag u de arm vervolgens steeds meer gaan belasten. Vanaf het moment dat de sling wordt afgebouwd, ligt de focus op het hergebruiken van de volledige beweeglijkheid van de schouder en het opbouwen van het bewegingsgevoel, de spierkracht en de stabiliteit. De eerste twee maanden wordt het geforceerd naar buiten draaien van de arm afgeraden.

De ergotherapeut zal u in de eerste weken van het weefselherstel begeleiden in het vinden van een goede balans tussen ontspanning en belasting. Ook wordt er gekeken naar een juist gebruik van de arm, zodat u noodzakelijke activiteiten, ondanks de bestaande pijn en beperkingen, op een praktische en verantwoorde manier kunt blijven uitvoeren. Zodra de arm actiever mag worden ingezet kan ook de belasting in dagelijkse activiteit worden uitgebreid. De ergotherapeut kan u adviseren en helpen dit op een adequate manier te doen. 

Heeft u nog vragen of wilt u een afspraak maken? Neem dan gerust contact met ons op.

Maak een afspraak
Bel 088 778 52 03Maak een afspraak